De vrees voor de drempel

Lang geleden was ik een uitgeweken Mechelaar en zelfs dat is een leugen. Maar ik herinner me tot op vandaag mijn allereerste doortocht in de Heidestraat, het stuk langs de spoorwegberm van de Vredelaan tot aan de Brusselsesteenweg. Ik bewonderde het landelijk aspect: schaapjes op de wei, flarden mist, wegspurtende konijntjes.
Vandaag neem ik die weg als natuurlijke binnenweg richting Mechelen. De schaapjes staan er nog steeds, de spoorwegberm is er ook. Nieuw is de drempel. Hoewel ik die beleef, moet ik die niet aanvaarden.

De gemeente legde deze verkeersdrempel aan, net vóór de aansluiting met de Gulderij. De drempel moet de maximumsnelheid (50 km per uur) doen naleven. Het gaat dus niet over de glooiing, iets verderop, die de autobestuurder waarschuwt dat hij een bebouwde kom nadert.

Eén: wat is de bedoeling?

Het bestaan van deze drempel vermindert feilloos de snelheid. Opdracht volbracht, lijkt het. Van de andere zijde lijkt het er om te doen de snelheid te verlagen vooraleer je de Guldenrij passeert. Alleen heb je na de drempel goed tweehonderd meter om de snelheid weer op te voeren. Wie die drempel neemt tegen de getolereerde vijftig per uur, zit echter met zijn hoofd door het dak van zijn wagen. De drempel schiet daarmee zijn bedoeling voorbij. En heeft daarmee een hoog irritatiegehalte. Dat kietelt de witte ridder in mij.

Het vereiste verkeersbord F87 dat de drempel aankondigt staat er. Richting Zemst pal naast de drempel. Op het moment dat je tegen het dak van je wagen bonkt, dus.

Is de drempel conform het reglement? Daarvoor haal ik er het koninklijk besluit van 9 oktober 1998 bij. Dat bepaalt de technische voorschriften voor verkeersdrempels.

Een verkeersplateau is een vlakke verhoging van de openbare weg met afgeschuinde op- en afrit, vlak of sinusoïdaal afgewerkt. Het kan gewijzigd worden door de hoogte, de helling de vorm van de op- en afrit en de lengte aan te passen.

Het is duidelijk dat je dit soort drempels moet kunnen nemen tegen 30 km per uur. De verkeersdrempel in de Heidestraat is een zogenaamd trapezoïdaal verkeersplateau. Aanbevolen hoogte: van 10 tot 12 cm. Zowel de lengte als de helling van de schuine delen staan in verhouding van het verkeer, én de hoogte van het verkeersplateau.

De minimum afmeting voor zo’n horizontale vlak bedraagt vijf meter. De helling van de schuine vlakken bedraagt maximaal 12 % bij een hoogte van 12 cm, of 14 % bij een hoogte van 14 cm. De lengte van elk schuin vlak bedraagt dan 1 meter en 70 centimeter. Op voorwaarde dat er geen bussen of zware voertuigen in de straat rijden.

In een naïeve poging een druppel te plengen in de Kalahari heb ik deze drempel nagemeten. Mijn boerenverstand vertelt me immers, telkens ik erover hots, dat deze drempel niet echt soepel ligt. De eerste die zijn auto er op kapot rijdt, kan het gemeentebestuur aansprakelijk stellen. Hij weet nu op welke wettekst hij zich moet baseren.

Een opinie als een ander.